Vandaag was alweer het laatste onderdeel van het Almeers Triatlon Circuit. In tegenstelling tot veel voorgaande jaren stond ik net buiten podiumpositie, maar waren de verschillen met brons en vijfde positie gering. Helaas kreeg ik de dag voor de wedstrijd te horen dat Siem-Jan Stam (zilver) en Marcel Caro (5e) vanwege blessures niet konden starten en de strijd met Sander Hospers daardoor om zilver en brons gestreden moest gaan worden. Sander is de betere zwemmer en ik de betere loper, maar ja...een winnaar kent geen pijn noch verlies dus ik had maar één optie: tactiek en volle bak.
De zwemloop in Almere kenmerkt zich sinds vorig jaar door de unieke omgeving van buitenwater (in de zwemloop is dit ongebruikelijk). Omdat de afstand 'slechts' 1000m bedraagt heb ik de afweging gemaakt tussen wel/geen wetsuit. Ik kan goed tegen kou, maar met wetsuit zwem je nu eenmaal sneller. Daarentegen verliepen de wissels in Duin en Huizen niet echt soepel met het wetsuit dus maakte de keuze om het verlies in zwemsnelheid voor lief te nemen en een paar extra secondes hopelijk te pakken in mijn wissel.
Vrij laat ging ik te water omdat je ook weer niet te lang stil wilt liggen in het toch redelijk koele water. Bij de start was ik goed weg, maar al snel merkte ik het verschil met het wetsuit. De benen lagen vreselijk diep (wat is er toch zo anders aan buitenwater t.o.v. het zwembad waar ik dat probleem niet heb) en daardoor kwamen er heel veel wetsuits langs en soms zelfs over me. Denk dat ik door zeker 40 man na de start ingehaald ben. Ok...dit was mijn keuze en daar heb ik het mee te doen. Toch zwom ik voor mijn gevoel sterk (lees krachtig) en compenseerde ik de gebrekkige slepende benen met veel armkracht. Doorkomst eerste ronde kijk ik vluchtig in de overhaal op mijn horloge en zie snel een 650m en bijna 10' aangegeven staan. Damn...dat wordt een paar honderd meter meer dan gedacht en dus meer zwemverlies dan ingecalculeerd. Uiteindelijk bleek de afstand 1,15km te zijn en kwam ik met een kleine 20+ minuten het water uit. Dit zou inhouden dat Sander zeker zo'n 20s extra voorsprong zou hebben op waar ik op wegging.
Niet nadenken en snel voeten afdrogen en sokken+schoenen aan (geen risico op blaren). Opstaan en ondertussen de nummerband om en lopen. Geen idee wat mijn achterstand was. Ik hoorde veel geluid en aanmoedigingen langs de kant, maar ik kwam snel in een soort focus en kon dus de geluidsmassa niet ontwaren in losse zinnen. Voor me loopt clubgenote Linda Nagel en ze vormde een mooi eerste richtpunt. Moest echter nog flink doorlopen en de ademhaling hield te wensen over. Lijkt wel of ik momenteel over mijn grenzen heen moet sporten en tegen obstakels aankom die ik niet gewend ben. Ik ken de achterliggende termijn, maar het is wel wennen om al hyperventilerend door het water en over het land te moeten bewegen. Bij de 1e km haal ik Linda bij en de klok piept een 4.01 weg. Ik weet dat Sander normaliter tegen de 45 minuten loopt op de 10km, maar dit was 9,2km. Ik moet 1m26 + achterstand na het zwemmen goedmaken dus ik verwacht zo'n 30-35s per kilometer te moeten inlopen waardoor de 4m01 op het randje zou zijn. De kilometers erna blijf ik zeer stabiel lopen tussen de 3.59 en 4.03 ondanks heuvel die de energie wegvreet uit mijn bovenbenen en de felle korte afdaling met oneffenheden die erop volgt geeft ook weinig rust. Bij 1,5 ronde op de heuvel (nota bene) kom ik bij Sander maar nu komt het moeilijkste. Erbij komen is vaak niet het grootste probleem...loslopen, daar begint de pret. We wisselen snel respect uit en vervolgen solo onze weg. Bij het 4km-punt kijk ik om op een natuurlijk meetpunt en schat dat ik sinds de heuvel zo'n 20s uitgelopen ben. Dit was de laatste keer dat ik omkeek en vanaf hier gingen de tanden op elkaar, de ogen veelvuldig dicht en lopen voor wat ik waard was. Eind 3e ronde haalt Tjerk Tjallema me in (lap voorsprong) en ik ga in zijn kielzog mee en maak een flinke versnelling. Dit tempo heb ik ooit ook gelopen en ik wilde het weer voelen...hoe lang kan ik mee en wat is het gevoel in techniek en benen hierbij. Het geheugen in dit gevoel is langzaamaan aan het vervagen dus ik moest die scherpte hier weer even inprenten voor de toekomst. Onbewust krijg ik het gevoel dat ik Tjerk opjaag en schreeuw hem toe niets van me aan te trekken en zijn eigen plan te kiezen. Tjerk was ook in een focus en liep hard door en had waarschijnlijk de plotselinge rugzak niet eens in de gaten. In de laatste ronde klokt mijn horloge opeens een 4m12, maar dat was met de heuvel de wiens honger onverzadigbaar was en bleef vreten aan mijn energie. Terug op de boulevard richting finish met nog zo'n 500m te gaan waar ik een ronde eerder Tjerk tegenkwam gingen de ogen dicht en verdrijf ik alle gevoelens van pijn en negativiteit en probeer het hoofd leeg te krijgen. Sneller, sneller, sneller... Iedere seconde kan tellen. Bij de finish val ik leeg op de bank, maar kan slechts een paar seconden blijven zitten. Ik moet de klok zien en meetellen. Het is voor het eerst sinds september '13 dat ik weer echt moet en kan strijden...en dan moet ik het slot zien ontstaan en het resultaat weten. De seconden tikken weg richting de 1m26...en ik weet dat ik het zilver gekregen heb (door uitval van Siem-Jan), maar het brons daadwerkelijk gewonnen. Ik loop snel terug naar de finish om Sander te feliciteren die ook helemaal gelukkig is met zijn podium en we spreken af om de strijd vaker spannend te maken. Strijdend een positie pakken is toch het mooiste in de sport.
De podium in het ATC lijkt dit jaar de breedte in te gaan en dat kan voor 2015 een mooie strijd opleveren. Ik moet wel kijken wat mijn kalender volgend jaar wordt ivm. Denemarken en Luxemburg die in de korte weken voor het eind van het ATC plaatsvinden. Dit is van later zorg...nu beginnen met waar het jaar omdraait. De Challenge...want tot gisteren kan ik niet zeggen dat ik echt een goed jaar aan het draaien ben. Dit was wel een mentale opsteker die ik heel erg nodig heb!
Geen opmerkingen:
Een reactie posten